Vlooien en teken
Pagina 1 van 1 • Deel •
Vlooien en teken
Vlooien en teken bij hond en kat
Dr. Paul Overgaauw, dierenarts-parasitoloog
In de zomerperiode lopen onze huisdieren weer meer risico om vlooien en teken op te lopen.
Naast directe irritatie en het veroorzaken van huidbeschadigingen kunnen deze parasieten ook ziektes overbrengen.
Het is dus in het belang van mens en dier om tijdig honden en katten te behandelen om besmetting te voorkomen.
Hiervoor zijn de laatste jaren diverse goedwerkende en voor mens en dier veilige middelen op de markt verschenen.
In dit artikel wordt hierop ingegaan.
Vlooien
Naast katten- en hondenvlooien worden bij hond en kat ook konijnen- en egelvlooien gevonden.
Dit wijst er op dat er een behoorlijke (niet te bestrijden) infectiebron buitenshuis aanwezig is.
Het grootste deel van de vlooiencyclus speelt zich, zoals misschien bekend, af in de leefomgeving van huisdieren.
Op alle plekken waar besmette dieren komen kunnen eitjes, larven en poppen worden aangetroffen.
Met name rond de ligplaatsen, omdat vlooieneitjes vooral ’s nachts worden gelegd.
Volwassen vlooien blijven meestal het hele leven van de vlo aanwezig op de eenmaal gekozen gastheer.
Problemen van vlooien
De belangrijkste problemen die vlooien veroorzaken zijn jeuk door het gekriebel van rondlopende vlooien of als gevolg van een vlooienallergie en bloedzuigen.
Dit laatste kan voornamelijk bij pups en kittens binnen enkele dagen tot verzwakking en zelfs sterfte leiden.
Bij een grote vlooiendruk kan ook de mens belaagd worden en huidreacties worden veroorzaakt.
Tenslotte kunnen vlooien infecties overbrengen. De bekendste hiervan is de lintworm.
Zonder vlooien géén lintworm en dus moeten ze altijd beide bestreden worden wanneer de “rijstekorrels” of “maden” rond de anus of in de ontlasting zijn gezien.
Een andere belangrijke infectie, waarvan nog niet zo lang geleden is aangetoond dat vlooien dit overbrengen, is de kattenkrabziekte.
Dit is een bacterie die door een krab of beetwond (zelfs likken van een wond) van een kat kan worden overgebracht op de mens
en daar een ontsteking van de lymfeklieren kan veroorzaken.
Doordat katten vlooien uit de vacht krabben, likken en stukbijten, komen de bacteriën onder de nagels en in de mondholte terecht.
Overigens zijn deze bacteriën ook bij honden aangetroffen.
Ongeveer een kwart van de katten in Nederland draagt de bacterie bij zich, evenals de vlooien die erop worden gevonden.
De kat vertoont geen ziekteverschijnselen, maar de kans op een infectie van de mens is dus aanwezig.
Preventie: de rol van insecten-groeiremmers (IGR’s)
Insectengroeiremmers zijn vaak moleculen die lijken op stoffen, zoals hormonen, die bij de jonge stadia van insecten (eitjes en larven) verantwoordelijk zijn voor de ontwikkeling.
Ze zijn al bij kleine hoeveelheden werkzaam en zeer veilig voor zoogdieren, omdat deze stoffen hier niet in het lichaam voorkomen.
De oudste en meest bekende IGR is methopreen. Inmiddels zijn er nieuwere generaties IGR’s ontwikkeld die in nog kleinere hoeveelheden werkzaam zijn en
stabieler blijven in een vochtige omgeving (bijvoorbeeld pyriproxifen; Cyclio®).
Deze IGR’s worden voornamelijk toegepast op het dier of in de omgeving. Een IGR die via de bloedbaan van het dier inwendig werkt,
is lufenuron (Program®).
Vlooien die een bloedmaaltijd hebben genoten van dieren die hiermee zijn behandeld, leggen steriele eitjes.
Recent is Program Plus® op de markt geïntroduceerd.
Naast lufeneron bevat dit product tevens een ontwormingsmiddel, dat werkzaam is tegen diverse maagdarmwormen en hartworm.
Het is na Stronghold® het tweede product in Nederland dat werkzaam is tegen de subtropische hartworm.
IGR’s zijn dus vooral bedoeld om de ontwikkeling van de vlo in de omgeving van het dier te doorbreken.
Bij het regelmatig toepassen ervan op of in het dier, kan een omgevingsbehandeling achterwege blijven.
Vaak wordt bij een bestaand vlooienprobleem of als start van een preventieve behandeling wel geadviseerd om te beginnen
met een behandeling van de omgeving, waarbij ook de auto niet vergeten mag worden.
IGR’s zijn niet werkzaam tegen volwassen vlooien en om deze reden worden ze vaak gecombineerd met middelen die volwassen vlooien doden.
Van deze laatste heeft Stronghold® al een IGR-werking, doordat ook de vlooieneitjes en -larven hier gevoelig voor zijn.
Andere vlooienmiddelen kunnen een indirecte IGR-werking vertonen wanneer ze in de omgeving via vlooienontlasting worden opgenomen
door vlooienlarven of hiermee direct in contact komen.
Vanzelfsprekend is dit niet te garanderen voor alle vlooienstadia buiten het dier.
Bestrijding: middelen tegen volwassen vlooien
In de meeste gevallen worden alléén middelen tegen volwassen vlooien op het dier gebruikt.
Door de snelle en goede werkzaamheid van met name de nieuwere middelen is voor de eigenaar het resultaat direct zichtbaar.
Naast sprays zijn ook de nieuwe ‘spot-on’ formuleringen (druppeltjes in de nek) populair.
Voorbeelden hiervan zijn Frontline® (spray en spot-on, hond en kat), Advantage® en Stronghold® (spot-on, hond en kat).
In de meeste gevallen is van deze middelen een 100% werkzaamheid gedurende minimaal vier weken aangetoond.
Vorig jaar is een nieuw product in tabletvorm op de markt verschenen (Capstar®) dat als kenmerkende eigenschap heeft zeer snel
na toediening werkzaam te zijn (15 tot 30 minuten) terwijl na 24 uur alle werkzame stof uit het lichaam is verdwenen.
Dit snel en kort werkzame middel kan gebruikt worden om dieren direct vlooienvrij te maken, bijvoorbeeld bij aankomst in of vertrek uit een pension;
voorafgaand aan een bezoek aan een besmette omgeving of gewoon als continue vlooienbestrijding.
In het laatste geval wordt een behandelingsfrequentie van een tot twee keer per week geadviseerd, afhankelijk van de vlooiendruk.
Door de snelle werkzaamheid doodt het nieuw verkregen vlooien al vóór de eiproductie.
Geïntegreerde vlooienbestrijding
Met de huidige kennis en middelen hoeft een goede vlooienbestrijding geen probleem te zijn.
We spreken van geïntegreerde vlooienbestrijding wanneer we met volledige informatie en de juiste vlooienbestrijdingsmiddelen
werken en daarnaast regelmatig controleren of dit voldoende effect heeft.
De gewone vlooienkam is hiervoor een goed hulpmiddel.
Doel is om te voorkomen dat de vlooienbestrijding mislukt.
Oorzaken van mislukking hiervoor kunnen zijn een onjuiste toediening of verkeerde dosering, onregelmatig herhalen,
tekortschietende omgevingsbehandeling en tenslotte resistentie (vlooien hebben dan een weerstand opgebouwd).
Er is maar één advies om te voorkomen dat er op dieren of in de omgeving, waar een behandeling heeft plaatsgevonden
met middelen die werkzaam zijn tegen volwassen vlooien, zich toch nog vlooien kunnen voortplanten of misschien wel resistent worden.
Combineer altijd een adulticide (een middel tegen volwassen vlooien) met een IGR en ga na een succesvolle bestrijding
door met een IGR als preventieve maatregel.
Op deze wijze kunnen we nog lang optimaal gebruik maken van de nieuwe en veilige middelen die ons ter beschikking staan.
In de nabije toekomst zijn er diverse combinatiepreparaten van adulticiden en IGR’s te verwachten.
Teken
Teken zien eruit als een klein leren zakje, met aan de voorkant een nauwelijks zichtbare kop.
Ze hebben acht poten, waardoor ze behoren tot de spinachtigen en niet tot de insecten, zoals vlooien.
Met bloed volgezogen wijfjes wegen tot honderd keer hun eigen gewicht en kunnen vijf tot tien keer (een centimeter) zo groot worden.
Er zijn verschillende soorten bekend.
Teken die we in Nederland aantreffen, de Ixodus ricinus, hebben drie keer een gastheer
(wilde zoogdieren en vogels, huisdieren, mens) nodig waarbij ze bloed zuigen. De cyclus duurt zo gemiddeld drie tot zes jaar.
Uiteindelijk wordt er op de gastheer gepaard, waarna het wijfje zich in ongeveer één week volzuigt met bloed.
Daarna valt ze van de gastheer af; legt duizenden eitjes op verborgen plaatsen (onder stenen, spleten etc.) en sterft.
Teken klimmen in grashalmen of struiken en hechten zich vast tot een geschikt dier voorbijkomt.
Ze kunnen maanden tot jaren overleven buiten de gastheer.
Dit verklaart ook de lange cyclus.
Teken zijn voornamelijk actief in vochtige klimaatomstandigheden (voorjaar en herfst).
In de winter verkeren ze in een ruststadium.
Problemen van teken bij hond en kat
Teken kunnen irritatie, bloedverlies en wonden in de huid veroorzaken.
Een gastheer, ook de mens, voelt niet wanneer een teek bijt.
Dit komt doordat een teek een stof afscheidt met een pijnstillend effect.
Achteraf ontstaat wel jeuk en soms een ontstekingsreactie.
Teken kunnen ook gevaar opleveren als ze drager zijn van een voor de hond gevaarlijke ziekte.
In Zuid-Europese landen zijn teken aanwezig (Dermacentor reticulatus en Rhipicephalus sanguineus) die ziekten, zoals babesiose, kunnen overbrengen.
De teken kunnen worden meegenomen via honden die worden meegebracht van vakantie.
De laatste teek kan zich jaren in Nederlandse woningen handhaven.
Buitenshuis is het Nederlandse klimaat te ongunstig voor de teek, hoewel onlangs enkele honden met babesiose zijn gevonden
in Nederland zonder dat deze dieren in het buitenland waren geweest.
Bij enkele dieren werden inderdaad de Zuid-Europese teken gevonden wat erop wijst dat deze zich mogelijk hier in leven kunnen houden.
Problemen van teken bij de mens
Teken kunnen besmet zijn met een bacterie (Borrelia burgdorferi) die bij de mens de ziekte van Lyme (Lyme disease) kan veroorzaken.
Ook bij honden in Nederland is de ziekte inmiddels enkele keren gevonden.
Gemiddeld ligt de besmettingsgraad van volwassen teken met deze bacterie in Nederland tussen de 20 en 40 procent.
De ziekte is dermate ernstig dat geadviseerd wordt alléén in de bossen te wandelen met bedekkende kleding gedurende het tekenseizoen.
Dat betekent blote armen en benen bedekken en sokken over de broek trekken.
Niet elke beet van een teek leidt tot besmetting.
Ten eerste zijn lang niet alle teken drager van de bacterie en vaak wordt de teek al verwijderd voordat eventuele besmetting kan plaatsvinden (na 24-48 uur).
Bestrijding van teken
In de praktijk bestrijden we alleen de teken op het dier aangezien het onmogelijk is ze in de (natuurlijke) omgeving aan te pakken.
Het verwijderen van teken met tangetje of pincet, bij voorkeur rechtstandig uittrekken zonder erin te knijpen en niet draaien,
is een vies en lastig karwei, vooral als de kop achterblijft.
Daarom wordt aanbevolen het wondje hierna te ontsmetten met bijvoorbeeld alcohol.
Eventuele achtergebleven delen van de teek verdwijnen na enige tijd vanzelf.
Dit geldt ook indien het een teek op de mens betreft.
Het gebruik van alcohol, ether, petroleum en dergelijke op de teek heeft het risico dat de teek eventueel geïnfecteerde maaginhoud in de wond deponeert.
Tevens is gebleken dat het gebruik van dergelijke 'verdovende' middelen geen effect heeft op het loslaten van de teek.
Een enkele teek kan het beste verwijderd worden door deze van de huid te verwijderen door met de vinger het achterlijf heen en weer te draaien.
De teek laat na enige tijd spontaan los (inclusief de kop!).
Meerdere teken kunnen met een tekentang worden verwijderd.
Bij aanwezigheid veel teken of telkens terugkerende besmetting kan gebruik worden gemaakt van diverse bestrijdingsmiddelen zoals banden (Scalibor®,
Preventic-B®), sprays (Frontline Spray®, Defendog®), spot-on (Frontline Spot-On®), poeder (permethrin), en shampoo (Scalibor Shampoo®),
met als beperking dat teken pas na 24 tot 48 uur na contact zullen afsterven.
Meestal zitten ze dan al of nog vast in de huid. Bij de eigenaar bestaat dan vaak de verkeerde indruk dat het gebruikte middel niet werkt.
Voor de volgende dieren wordt tekenbestrijding geadviseerd:
• Honden in Nederland die worden uitgelaten in gebieden waar veel teken voorkomen (bomen, struiken).
• Honden die meegaan op vakantie naar landen rond de Middellandse Zee (Frankrijk, Italië, Spanje, Griekenland).
• Katten die regelmatig met teken besmet thuis komen
Bron: http://www.overdieren.nl/
Dr. Paul Overgaauw, dierenarts-parasitoloog
In de zomerperiode lopen onze huisdieren weer meer risico om vlooien en teken op te lopen.
Naast directe irritatie en het veroorzaken van huidbeschadigingen kunnen deze parasieten ook ziektes overbrengen.
Het is dus in het belang van mens en dier om tijdig honden en katten te behandelen om besmetting te voorkomen.
Hiervoor zijn de laatste jaren diverse goedwerkende en voor mens en dier veilige middelen op de markt verschenen.
In dit artikel wordt hierop ingegaan.
Vlooien
Naast katten- en hondenvlooien worden bij hond en kat ook konijnen- en egelvlooien gevonden.
Dit wijst er op dat er een behoorlijke (niet te bestrijden) infectiebron buitenshuis aanwezig is.
Het grootste deel van de vlooiencyclus speelt zich, zoals misschien bekend, af in de leefomgeving van huisdieren.
Op alle plekken waar besmette dieren komen kunnen eitjes, larven en poppen worden aangetroffen.
Met name rond de ligplaatsen, omdat vlooieneitjes vooral ’s nachts worden gelegd.
Volwassen vlooien blijven meestal het hele leven van de vlo aanwezig op de eenmaal gekozen gastheer.
Problemen van vlooien
De belangrijkste problemen die vlooien veroorzaken zijn jeuk door het gekriebel van rondlopende vlooien of als gevolg van een vlooienallergie en bloedzuigen.
Dit laatste kan voornamelijk bij pups en kittens binnen enkele dagen tot verzwakking en zelfs sterfte leiden.
Bij een grote vlooiendruk kan ook de mens belaagd worden en huidreacties worden veroorzaakt.
Tenslotte kunnen vlooien infecties overbrengen. De bekendste hiervan is de lintworm.
Zonder vlooien géén lintworm en dus moeten ze altijd beide bestreden worden wanneer de “rijstekorrels” of “maden” rond de anus of in de ontlasting zijn gezien.
Een andere belangrijke infectie, waarvan nog niet zo lang geleden is aangetoond dat vlooien dit overbrengen, is de kattenkrabziekte.
Dit is een bacterie die door een krab of beetwond (zelfs likken van een wond) van een kat kan worden overgebracht op de mens
en daar een ontsteking van de lymfeklieren kan veroorzaken.
Doordat katten vlooien uit de vacht krabben, likken en stukbijten, komen de bacteriën onder de nagels en in de mondholte terecht.
Overigens zijn deze bacteriën ook bij honden aangetroffen.
Ongeveer een kwart van de katten in Nederland draagt de bacterie bij zich, evenals de vlooien die erop worden gevonden.
De kat vertoont geen ziekteverschijnselen, maar de kans op een infectie van de mens is dus aanwezig.
Preventie: de rol van insecten-groeiremmers (IGR’s)
Insectengroeiremmers zijn vaak moleculen die lijken op stoffen, zoals hormonen, die bij de jonge stadia van insecten (eitjes en larven) verantwoordelijk zijn voor de ontwikkeling.
Ze zijn al bij kleine hoeveelheden werkzaam en zeer veilig voor zoogdieren, omdat deze stoffen hier niet in het lichaam voorkomen.
De oudste en meest bekende IGR is methopreen. Inmiddels zijn er nieuwere generaties IGR’s ontwikkeld die in nog kleinere hoeveelheden werkzaam zijn en
stabieler blijven in een vochtige omgeving (bijvoorbeeld pyriproxifen; Cyclio®).
Deze IGR’s worden voornamelijk toegepast op het dier of in de omgeving. Een IGR die via de bloedbaan van het dier inwendig werkt,
is lufenuron (Program®).
Vlooien die een bloedmaaltijd hebben genoten van dieren die hiermee zijn behandeld, leggen steriele eitjes.
Recent is Program Plus® op de markt geïntroduceerd.
Naast lufeneron bevat dit product tevens een ontwormingsmiddel, dat werkzaam is tegen diverse maagdarmwormen en hartworm.
Het is na Stronghold® het tweede product in Nederland dat werkzaam is tegen de subtropische hartworm.
IGR’s zijn dus vooral bedoeld om de ontwikkeling van de vlo in de omgeving van het dier te doorbreken.
Bij het regelmatig toepassen ervan op of in het dier, kan een omgevingsbehandeling achterwege blijven.
Vaak wordt bij een bestaand vlooienprobleem of als start van een preventieve behandeling wel geadviseerd om te beginnen
met een behandeling van de omgeving, waarbij ook de auto niet vergeten mag worden.
IGR’s zijn niet werkzaam tegen volwassen vlooien en om deze reden worden ze vaak gecombineerd met middelen die volwassen vlooien doden.
Van deze laatste heeft Stronghold® al een IGR-werking, doordat ook de vlooieneitjes en -larven hier gevoelig voor zijn.
Andere vlooienmiddelen kunnen een indirecte IGR-werking vertonen wanneer ze in de omgeving via vlooienontlasting worden opgenomen
door vlooienlarven of hiermee direct in contact komen.
Vanzelfsprekend is dit niet te garanderen voor alle vlooienstadia buiten het dier.
Bestrijding: middelen tegen volwassen vlooien
In de meeste gevallen worden alléén middelen tegen volwassen vlooien op het dier gebruikt.
Door de snelle en goede werkzaamheid van met name de nieuwere middelen is voor de eigenaar het resultaat direct zichtbaar.
Naast sprays zijn ook de nieuwe ‘spot-on’ formuleringen (druppeltjes in de nek) populair.
Voorbeelden hiervan zijn Frontline® (spray en spot-on, hond en kat), Advantage® en Stronghold® (spot-on, hond en kat).
In de meeste gevallen is van deze middelen een 100% werkzaamheid gedurende minimaal vier weken aangetoond.
Vorig jaar is een nieuw product in tabletvorm op de markt verschenen (Capstar®) dat als kenmerkende eigenschap heeft zeer snel
na toediening werkzaam te zijn (15 tot 30 minuten) terwijl na 24 uur alle werkzame stof uit het lichaam is verdwenen.
Dit snel en kort werkzame middel kan gebruikt worden om dieren direct vlooienvrij te maken, bijvoorbeeld bij aankomst in of vertrek uit een pension;
voorafgaand aan een bezoek aan een besmette omgeving of gewoon als continue vlooienbestrijding.
In het laatste geval wordt een behandelingsfrequentie van een tot twee keer per week geadviseerd, afhankelijk van de vlooiendruk.
Door de snelle werkzaamheid doodt het nieuw verkregen vlooien al vóór de eiproductie.
Geïntegreerde vlooienbestrijding
Met de huidige kennis en middelen hoeft een goede vlooienbestrijding geen probleem te zijn.
We spreken van geïntegreerde vlooienbestrijding wanneer we met volledige informatie en de juiste vlooienbestrijdingsmiddelen
werken en daarnaast regelmatig controleren of dit voldoende effect heeft.
De gewone vlooienkam is hiervoor een goed hulpmiddel.
Doel is om te voorkomen dat de vlooienbestrijding mislukt.
Oorzaken van mislukking hiervoor kunnen zijn een onjuiste toediening of verkeerde dosering, onregelmatig herhalen,
tekortschietende omgevingsbehandeling en tenslotte resistentie (vlooien hebben dan een weerstand opgebouwd).
Er is maar één advies om te voorkomen dat er op dieren of in de omgeving, waar een behandeling heeft plaatsgevonden
met middelen die werkzaam zijn tegen volwassen vlooien, zich toch nog vlooien kunnen voortplanten of misschien wel resistent worden.
Combineer altijd een adulticide (een middel tegen volwassen vlooien) met een IGR en ga na een succesvolle bestrijding
door met een IGR als preventieve maatregel.
Op deze wijze kunnen we nog lang optimaal gebruik maken van de nieuwe en veilige middelen die ons ter beschikking staan.
In de nabije toekomst zijn er diverse combinatiepreparaten van adulticiden en IGR’s te verwachten.
Teken
Teken zien eruit als een klein leren zakje, met aan de voorkant een nauwelijks zichtbare kop.
Ze hebben acht poten, waardoor ze behoren tot de spinachtigen en niet tot de insecten, zoals vlooien.
Met bloed volgezogen wijfjes wegen tot honderd keer hun eigen gewicht en kunnen vijf tot tien keer (een centimeter) zo groot worden.
Er zijn verschillende soorten bekend.
Teken die we in Nederland aantreffen, de Ixodus ricinus, hebben drie keer een gastheer
(wilde zoogdieren en vogels, huisdieren, mens) nodig waarbij ze bloed zuigen. De cyclus duurt zo gemiddeld drie tot zes jaar.
Uiteindelijk wordt er op de gastheer gepaard, waarna het wijfje zich in ongeveer één week volzuigt met bloed.
Daarna valt ze van de gastheer af; legt duizenden eitjes op verborgen plaatsen (onder stenen, spleten etc.) en sterft.
Teken klimmen in grashalmen of struiken en hechten zich vast tot een geschikt dier voorbijkomt.
Ze kunnen maanden tot jaren overleven buiten de gastheer.
Dit verklaart ook de lange cyclus.
Teken zijn voornamelijk actief in vochtige klimaatomstandigheden (voorjaar en herfst).
In de winter verkeren ze in een ruststadium.
Problemen van teken bij hond en kat
Teken kunnen irritatie, bloedverlies en wonden in de huid veroorzaken.
Een gastheer, ook de mens, voelt niet wanneer een teek bijt.
Dit komt doordat een teek een stof afscheidt met een pijnstillend effect.
Achteraf ontstaat wel jeuk en soms een ontstekingsreactie.
Teken kunnen ook gevaar opleveren als ze drager zijn van een voor de hond gevaarlijke ziekte.
In Zuid-Europese landen zijn teken aanwezig (Dermacentor reticulatus en Rhipicephalus sanguineus) die ziekten, zoals babesiose, kunnen overbrengen.
De teken kunnen worden meegenomen via honden die worden meegebracht van vakantie.
De laatste teek kan zich jaren in Nederlandse woningen handhaven.
Buitenshuis is het Nederlandse klimaat te ongunstig voor de teek, hoewel onlangs enkele honden met babesiose zijn gevonden
in Nederland zonder dat deze dieren in het buitenland waren geweest.
Bij enkele dieren werden inderdaad de Zuid-Europese teken gevonden wat erop wijst dat deze zich mogelijk hier in leven kunnen houden.
Problemen van teken bij de mens
Teken kunnen besmet zijn met een bacterie (Borrelia burgdorferi) die bij de mens de ziekte van Lyme (Lyme disease) kan veroorzaken.
Ook bij honden in Nederland is de ziekte inmiddels enkele keren gevonden.
Gemiddeld ligt de besmettingsgraad van volwassen teken met deze bacterie in Nederland tussen de 20 en 40 procent.
De ziekte is dermate ernstig dat geadviseerd wordt alléén in de bossen te wandelen met bedekkende kleding gedurende het tekenseizoen.
Dat betekent blote armen en benen bedekken en sokken over de broek trekken.
Niet elke beet van een teek leidt tot besmetting.
Ten eerste zijn lang niet alle teken drager van de bacterie en vaak wordt de teek al verwijderd voordat eventuele besmetting kan plaatsvinden (na 24-48 uur).
Bestrijding van teken
In de praktijk bestrijden we alleen de teken op het dier aangezien het onmogelijk is ze in de (natuurlijke) omgeving aan te pakken.
Het verwijderen van teken met tangetje of pincet, bij voorkeur rechtstandig uittrekken zonder erin te knijpen en niet draaien,
is een vies en lastig karwei, vooral als de kop achterblijft.
Daarom wordt aanbevolen het wondje hierna te ontsmetten met bijvoorbeeld alcohol.
Eventuele achtergebleven delen van de teek verdwijnen na enige tijd vanzelf.
Dit geldt ook indien het een teek op de mens betreft.
Het gebruik van alcohol, ether, petroleum en dergelijke op de teek heeft het risico dat de teek eventueel geïnfecteerde maaginhoud in de wond deponeert.
Tevens is gebleken dat het gebruik van dergelijke 'verdovende' middelen geen effect heeft op het loslaten van de teek.
Een enkele teek kan het beste verwijderd worden door deze van de huid te verwijderen door met de vinger het achterlijf heen en weer te draaien.
De teek laat na enige tijd spontaan los (inclusief de kop!).
Meerdere teken kunnen met een tekentang worden verwijderd.
Bij aanwezigheid veel teken of telkens terugkerende besmetting kan gebruik worden gemaakt van diverse bestrijdingsmiddelen zoals banden (Scalibor®,
Preventic-B®), sprays (Frontline Spray®, Defendog®), spot-on (Frontline Spot-On®), poeder (permethrin), en shampoo (Scalibor Shampoo®),
met als beperking dat teken pas na 24 tot 48 uur na contact zullen afsterven.
Meestal zitten ze dan al of nog vast in de huid. Bij de eigenaar bestaat dan vaak de verkeerde indruk dat het gebruikte middel niet werkt.
Voor de volgende dieren wordt tekenbestrijding geadviseerd:
• Honden in Nederland die worden uitgelaten in gebieden waar veel teken voorkomen (bomen, struiken).
• Honden die meegaan op vakantie naar landen rond de Middellandse Zee (Frankrijk, Italië, Spanje, Griekenland).
• Katten die regelmatig met teken besmet thuis komen
Bron: http://www.overdieren.nl/
Re: Vlooien en teken
Eigenlijk heb je hier in het vochtige klimaat van Nederland,altijd last van teken en vlooien!
Warmte kan wel een invloed zijn 's zomers,maar vooral in het voorjaar en Herfst kan dit de spuigaten uitlopen!
Ik gebruik Front-line,wel aan de prijs, maar het helpt wel!
Loop je in half hoog gras of in de bossen,moet je gewoon altijd je hond ff nakijken op teken!
Zelf moet je je ook nakijken i.v.m. Ziekte van Lyme die de beestjes kunnen overdragen!
Ben je in het bezit van teken,met een tekentangetje de teken bij de kop er rechtstandig uit trekken!Niet draaien zoals ze vroege dachten,of aceton,alcohol gebruiken,want dan gaat de teken braken,en komt er dus de gevaarlijke stoffen in je bloedbaan!
Melden bij de dierenarts en of huisarts!
Warmte kan wel een invloed zijn 's zomers,maar vooral in het voorjaar en Herfst kan dit de spuigaten uitlopen!
Ik gebruik Front-line,wel aan de prijs, maar het helpt wel!
Loop je in half hoog gras of in de bossen,moet je gewoon altijd je hond ff nakijken op teken!
Zelf moet je je ook nakijken i.v.m. Ziekte van Lyme die de beestjes kunnen overdragen!
Ben je in het bezit van teken,met een tekentangetje de teken bij de kop er rechtstandig uit trekken!Niet draaien zoals ze vroege dachten,of aceton,alcohol gebruiken,want dan gaat de teken braken,en komt er dus de gevaarlijke stoffen in je bloedbaan!
Melden bij de dierenarts en of huisarts!
Jacky- Beginnende bull

- Aantal berichten: 34
Leeftijd: 43
Woonplaats: Purmerend
Registration date: 27-08-08
Permissies van dit forum:
Je mag geen reacties plaatsen in dit subforum






